Maandag 9 april is bekend geworden hoe de opbrengst van het leenstelsel verdeeld gaat worden. Dit gebeurt door middel van kwaliteitsafspraken. In de kwaliteitsafspraken is afgesproken dat de medezeggenschap hier een cruciale rol in krijgt. Daarom vind je op deze pagina informatie specifiek gericht op medezeggenschappers.

Algemeen

Het basisbeursgeld is geld van de studenten. Daarom vinden wij het heel belangrijk dat studenten beslissen wat er met het geld gebeurt. Afgesproken is dat er een gesprek plaatsvindt binnen de universiteit of hogeschool tussen studenten, docenten en bestuurders, waarin alle partijen ideeën aan kunnen dragen. Uiteindelijk moet iedereen zich er in kunnen vinden. Daarom heeft de medezeggenschap instemmingsrecht. Het is dus uitdrukkelijk niet de bedoeling dat het College van Bestuur plannen bedenkt die jij goedkeurt of afkeurt; de medezeggenschap moet actief betrokken worden door het College van Bestuur om zelf plannen te bedenken.

Taken medezeggenschap

Als centrale medezeggenschap heb je drie belangrijke taken:

  1. Het proces vaststellen over hoe het plan voor wat er met het geld gaat gebeuren. Dit doe je samen met het College van Bestuur. Belangrijk onderdeel is op welk niveau de beslissing uiteindelijk moet vallen. Je kunt als centrale medezeggenschap met het CvB de beslissing nemen. Op grote hogescholen en universiteiten kan het efficiënter zijn om de beslissing op het niveau van de opleiding te laten nemen, omdat daar veel beter zicht is op wat er nodig is. Als centrale bestuur en medezeggenschap kan je dan de plannen bundelen.
  2. Ideeën aanleveren over wat er met het geld gaat gebeuren. Waar is specifiek geld voor nodig op jouw hogeschool of universiteit? Daarvoor kun je plannen aanleveren. Het College van Bestuur kan dit ook doen en samen beslis je uiteindelijk naar welke plannen het geld gaat. Hier moeten jullie het beide over eens zijn.
  3. Jaarlijks instemmen met de uiteindelijke plannen. Elk jaar opnieuw moet je aangeven of het geld volgens jou op een goede manier besteed gaat worden. Dit mag een voortzetting zijn van eerdere (voor)investeringen, maar dat hoeft niet per se.
Betrokkenheid studenten

Het College van Bestuur moet zorgen dat studenten voldoende betrokken zijn bij de besteding van het geld. Als medezeggenschapper is het goed om erop toe te zien dat dit ook daadwerkelijk gebeurt. Dit omvat wat ons betreft twee aspecten. Ten eerste moeten studenten goed op de hoogte worden gehouden van wat er met het geld gebeurt. Dit kan bijvoorbeeld door een periodieke mail. Alleen op deze manier zien studenten echt wat er met hun basisbeurs gebeurt. Daarnaast moeten alle studenten de gelegenheid krijgen om plannen aan te dragen. Zo kan je een mailadres openen waar studenten goede ideeën naar toe kunnen sturen, kun je inputbijeenkomsten organiseren of in samenwerking met bijvoorbeeld studieverenigingen ideeën ophalen.

Faciliteiten

De uitvoering van de kwaliteitsafspraken vergt extra tijd en inspanning. Daarom is er afgesproken dat de medezeggenschap meer faciliteiten krijgt. Als kleine hogeschool of universiteit, met minder dan 10.000 studenten, moeten studenten minstens vier uur per week krijgen om hun werk te doen. Voor grote hogescholen en universiteiten is dit acht uur per week. Het gaat hier om een financiële vergoeding, maar daarnaast ook om bijvoorbeeld vrijstellingen voor colleges.

Naast de uren moet je alle faciliteiten krijgen die je nodig hebt om je taak goed uit te voeren. Denk dan aan trainingen, ambtelijke ondersteuning en financiële middelen. Hoeveel dit precies is kan verschillen per hogeschool of universiteit, maar er moet voldoende aandacht voor zijn.

Wil je meer uitleg over de kwaliteitsafspraken, wat die voor je betekenen en waar je recht op hebt? Wij zijn graag bereid om meer te vertellen over wat landelijk is afgesproken. Neem contact op met de LSVbSOM of LOF . Wij helpen je graag verder.